fbpx

Vaktermen in de horeca

 

In de horeca worden speciale vaktermen gebruikt die jij als horecatopper moet kennen. Hieronder lees je de vaktermen die regelmatig in de horeca worden gebruikt!

 

1. A la carte: de gast kiest zelf het gerecht aan de hand van de spijskaart.

2. Aperitief: is (meestal) een alcoholisch drankje dat de gast nuttigt voor het eten. Voorbeelden hiervan zijn martini, sherry of cocktails.

3. Couvert: het opdekken van het bestek en servies voor de gast.

4. Debarrasseren: het afruimen van de tafel volgens de richtlijnen.

5. Digestief: is (meestal) een alcoholisch drankje wat na de maaltijd gedronken wordt. Voorbeelden hiervan zijn: wshisky, rum, cognac, limocello, licor 43, amaretto, sambuca.

6. Mise en place: het uitvoeren van alle voorbereidende taken. Werkzaamheden die zorgen voor een hogere snelheid van de service zoals: alles van tevoren klaarzetten, voorbereiden maaltijd, dekken van de tafels etc.

7. Placeren: behulpzaam zijn voor gasten bij het plaatsnemen aan tafel.

8.Poleren: het vlekvrij afdrogen van servies, bestek en glazen. Hierbij zorgt je dat het weer glanst en vlekvrij is.

Leave a Reply